31.12.07

Pi viert kerst (het poppetje van KOV de Cirkel)

Kinderopvang op de zaak

ALMELO - In Amerika gebeurt het vaker bij grote bedrijven, maar in ons land is het bijzonder. Kinderopvang De Cirkel heeft echter plannen voor drie kinderdagverblijven in bedrijven. De crèches voor kinderen van nul tot vier jaar zijn ook toegankelijk voor kinderen van buiten het bedrijf.

De eerste 'crèche op de zaak' wordt 15 november officieel geopend in het pand van Persoonality op bedrijventerrein Twentepoort, langs de A 35. In het payrollbedrijf is plek voor zestien kinderen. Eind volgend jaar wil De Cirkel een opvang voor 28 kinderen openen bij het Multi Care Center, dat naast het Twenteborg Ziekenhuis wordt gebouwd. Als er behoefte aan is, kan het ziekenhuispersoneel daar ook van verlengde opvang buiten kantooruren gebruik maken.

Ook volgend jaar opent De Cirkel een kinderdagverblijf voor ruim dertig kinderen in het pand van Soweco aan de Plesmanweg. Die crèche is voor kinderen waarvan de ouders in het gemeentelijke reïntegratieproject Fusion werkzaam zijn. Met goede kinderopvang moet voor moeders de drempel voor werk worden verlaagd. Volgens de Cirkel is de opvang ook geschikt voor klanten uit de Schelfhorst. Daar wil het bedrijf een crèche openen, maar kan er geen ruimte vinden.

Bron: Twentsche courant tubantia

Carrière en kinderen

De meeste vrouwen die kinderen hebben zien zich geconfronteerd met de lastige vraag hoe ze een gezin moeten combineren met een carrière.

Natuurlijk, de zorg voor kinderen is geen zaak die alleen vrouwen aangaat. Maar mannen maken zich daar minder druk over: traditionele rollenpatronen zijn hardnekkiger dan je misschien zou verwachten.

Er vallen vele keuzes te maken rondom de combinatie van carrière en de zorg voor kinderen. Goede afspraken met je partner, medeverzorgers en de kinderen zelf zijn van groot belang om alles in goede banen te leiden.

Zwangerschap

Veel werkgevers vinden zwangere vrouwen maar lastig. Daarom is het goed om het volgende weten:

  • Het is officieel niet verplicht om tijdens een solicitatiegesprek te melden dat je zwanger bent of plannen hebt voor gezinsuitbreiding.
  • Een werkgever mag je een baan niet weigeren omdat je zwanger bent of een kinderwens hebt. Wees alert op smoezen om je af te wijzen. Je kunt een klacht indienen bij de Commissie Gelijke Behandeling als je vermoedt dat je niet eerlijk bent bejegend. Of je vervolgens dan alsnog de baan krijgt, is natuurlijk wel zeer de vraag.
  • Je hebt recht op zwangerschapsverlof van ten minste 16 weken.

Ben je heel fit, of heb je een heel gemakkelijk kind, dan kun je je zwangerschapsverlof misschien gebruiken voor wat extra investering in je carrière. Doe een (korte) cursus of verdiep je in een specialistisch onderwerp.

Kinderopvang

Kinderopvang is op allerlei manieren te regelen:

  • via crèches en buitenschoolse opvang
  • met vaste gastouders (thuis of bij de gastouder)
  • met meerdere gezinnen de opvang te verzorgen op je vrije dag (ouderparticipatiecrèches)
  • door familie en vrienden in te schakelen
  • door een of meerdere vaste oppassen in te huren
  • een au pair in huis te nemen (dat is weer helemaal in).

Er is een tegemoetkoming Kinderopvang beschikbaar voor de kosten van de eerste drie vormen van kinderopvang.
De meeste werkgevers betalen mee aan een deel van de kosten voor kinderopvang.

Deeltijd

Veel ouders werken in deeltijd. Op die manier hoeven kinderen niet alle dagen naar de crèche.

  • Je kunt tijdelijk in deeltijd werken door ouderschapsverlof op te nemen. Dit is in veel gevallen onbetaald verlof. Benut, voorzover dat mogelijk is, je verlof ook voor scholingsactiviteiten. Dat kan je carrière ten goede komen.
  • Sinds 2000 bestaat er het recht om in deeltijd te werken. Een werkgever kan dat alleen weigeren als daar zwaarwegende redenen toe zijn.

Thuiswerken

Een manier om flexibel je werktijd in te delen is thuiswerken. Je kunt:

  • met je werkgever afspreken dat je een gedeelte van de tijd thuiswerkt. Zorg voor een goede werkplek en de benodigde (computer)faciliteiten.
  • een eigen bedrijf beginnen of gaan freelancen, zodat je vrij bent in hoe je je werk indeelt en hoeveel uur je op een dag werkt. Let op: om voor de Belastingdienst als ondernemer aangemerkt te worden moet je wel minstens 1225 uur per jaar aan je eigen bedrijf besteden.

Vermijd valkuilen van thuiswerken:

  • Wees gedisciplineerd. Kinderen vragen veel aandacht en kunnen ervoor zorgen dat je nooit aan werken toekomt. Maak goede afspraken over wanneer je wel en niet gestoord mag worden.
  • Een goede werkplek (met een dichte deur) is onontbeerlijk. Een klant of een collega die belt moet geen kinderen op de achtergrond horen.
  • Neem jezelf en je bedrijf serieus en streef naar economische zelfstandigheid. Maak van je 'moederbedrijf' geen hobbybedrijf!

Duobaan

In een duobaan (ook wel 'functiedelen' genoemd) verdeel je één functie over twee personen. Dat vergt veel afstemming en goed overleg. Het werkt alleen als je het goed kunt vinden met de persoon met wie je de functie deelt.

De meeste werkgevers zijn niet erg happig op duobanen, maar als het je wat lijkt, is het zinvol om ervoor te strijden. Wees een snelle meid!

Herintreden

Enige jaren voor de kinderen zorgen en daarna weer aan het werk. Veel vrouwen (en sommige mannen) vinden dit een prettige oplossing. Het blijkt in de praktijk alleen niet altijd mee te vallen om weer een baan te vinden. Zo verhoog je je kansen:

  • Wees bereid een ander beroep te kiezen. Oriënteer je op mogelijkheden en zorg voor (om)scholing. Ook al is je carrière misschien niet (meer) je eerste doel, bedenk wat je wilt en kunt.
  • Zorg dat je vakkennis aantoonbaar op peil blijft. Bezoek af en toe een congres, lees vakliteratuur.
  • Volg trainingen op het gebied van computervaardigheden of andere onderwerpen die voor jouw beroep van belang zijn.
  • Maak gebruik van instanties en regelingen die er voor herintreedsters zijn. Informeer daarnaar bij gemeente, vakbond en CWI.
  • Houd contact met je oude werkplek. Doe eens een losse klus, spreek af dat je soms bijspringt in tijden van nood. Ga naar borrels. Houd je netwerk warm.
  • Begin voor jezelf. Een eigen bedrijf biedt flexibiliteit en geeft je de kans je eigen vaardigheden op een creatieve manier in te zetten op de arbeidsmarkt, ook als de banen niet voor het oprapen liggen.
Bron: http://www.carrieretijger.nl/carriere/vrouwen/kinderen

Gratis kinderopvang

RIJSSEN - CDA-lijsttrekker Balkenende heeft maandag hard uitgehaald naar de plannen van PvdA en VVD voor gratis kinderopvang.
afbeelding vergroten
Volgens Balkenende ontnemen die partijen ouders hun keuzevrijheid. „Daar zullen we nooit, maar dan ook nooit, mee akkoord gaan.”

Volgens Balkenende betalen burgers een hoge prijs voor kinderopvang.

„De PvdA schaft de fiscale combinatiekorting voor werkende ouders af en stuurt de kinderen naar de staatscrèche. Dat is een miskenning van de eigen verantwoordelijkheid van ouders.”

Bron: algemeen dagblad (6 november 2007)

Meer kans op wiegendood in creche

AMSTERDAM - Jonge baby's die in een kinderdagverblijf worden opgevangen, hebben een aanmerkelijk grotere kans op wiegendood. Dat heeft emeritus hoogleraar kindergeneeskunde Guus de Jonge vrijdag gezegd.


Hij geldt als de deskundige in Nederland op het gebied van wiegendood. Hij begon vrijdag, samen met schrijfster en verloskundige Beatrijs Smulders, een actie om jonge moeders voortaan een jaar babyverlof te geven zodat ze met behoud van hun salaris thuis voor hun kind kunnen zorgen.

Als moeders meer rust hebben zullen ze, volgens het tweetal, beter in staat zijn hun kind borstvoeding te geven, en onderling een betere emotionele binding te krijgen. Kinderen die emotioneel goed zijn gehecht, krijgen later minder vaak problemen. Daarbij is borstvoeding ook goed voor de lichamelijke gezondheid van moeder en kind. De Jonge pleit ervoor dat moeder en kind zeker de eerste zeven maanden na de bevalling zoveel mogelijk bij elkaar zijn.

Hij heeft al eerder over de link tussen kinderdagverblijven en zuigelingen geschreven. Binnen enkele maanden publiceert hij nieuwe cijfers waaruit volgens hem blijkt dat er duidelijke aanwijzingen zijn dat jonge baby's niet in een kinderdagverblijf thuishoren.

De Jonge zegt dat kinderdagverblijven vaak alle maatregelen nemen om wiegendood te voorkomen. Zo slapen kinderen bijvoorbeeld niet onder een dekbedje, en worden ze niet op hun buik te slapen gelegd. Ook zijn ouders van kinderen die naar een kinderdagverblijf gaan, volgens de hoogleraar vaak niet-rokers.

Maar hij denkt dat er een link is tussen wiegendood en het gegeven dat de baby's geen borstvoeding krijgen. Ook zou stress een rol kunnen spelen. De baby's zijn in de eerste maanden van hun leven volop bezig hun moeder en vader te leren kennen. Als ze die personen plotseling niet meer ruiken, voelen, horen en zien, kan dat zeer negatief zijn voor hun gezondheid en ontwikkeling, denkt De Jonge.

De Jonge en Smulders denken dat de maatschappij zich uiteindelijk veel geld kan besparen als het eerst geld uitgeeft aan een gezonde ontwikkeling van kinderen. In Nederland sterven jaarlijks ongeveer twintig kinderen aan wiegendood.

Bron: Telegraaf (28 Decemeber 2007)

Kindermishandeling opnemen in opleidingen voor werken met kinderen

Het herkennen en omgaan met kindermishandeling komt niet of nauwelijks voor in de opleiding en training van mensen die met kinderen (gaan) werken. Dit bleek tijdens een door Abvakabo FNV georganiseerd symposium waar alle disciplines uit het welzijnswerk bijeen waren. De vakbond vindt dit ongehoord en wil dat minister Rouvout voldoende kennis en training rondom het thema kindermishandeling als eis stelt bij het verstrekken van subsidie aan organisaties waarbij het werken met kinderen centraal staat. Dit schrijft Abvakabo FNV in een brief aan de minister.

De brief bevat de conclusies van het symposium 'Stop kindermishandeling. Ook jij kunt iets betekenen'. Werknemers uit ondermeer de kinderopvang, jeugdzorg en maatschappelijke dienstverlening spraken hier over professionele randvoorwaarden rondom het thema. Een meerderheid geeft aan meer tijd en ruimte te willen voor training in het herkennen en stoppen van kindermishandeling. Corrie van Brenk, bestuurder Abvakabo FNV: 'Wil de sector haar werk goed kunnen doen dan is scholing een belangrijke voorwaarde. Kindermishandeling moet een vast onderdeel zijn van de opleiding. Dit geeft ook beginnende beroepsbeoefenaren meer inzicht.' Ze roept minister Rouvoet op om dit te bespreken met minister Plasterk.

Bron: http://www.perssupport.nl/publishingweb/pressrelease/detail.do?pressId=11202&type=today&searchKey=6519502c-afa3-11dc-b232-458621658f51&languageId=NL&pageIndex=1

Blijf af van de kinderopvang

Betaalbaarheid voorziening dreigt wegens succes van beleid in het gedrang te komen

De VVD blijft zich tot het uiterste verzetten tegen een desastreuze trendbreuk in overheidsbeleid die leidt tot hogere kinderopvangkosten voor hardwerkende gezinnen. In de afgelopen jaren is de toegankelijkheid van kinderopvang sterk verbeterd. Het vorige kabinet heeft daaraan een bijdrage geleverd door consistente beleidsmaatregelen.

De VVD heeft tijdens de vorige kabinetsperiode aanvullend het initiatief genomen voor wetgeving om de opvang voor schoolgaande kinderen te verbeteren. Dat deze beleidsmaatregelen succesvol zijn geweest blijkt uit de toenemende arbeidsparticipatie van vrouwen (in 2006 de sterkste groei in dit millennium) en de recordgroei van het gebruik van kinderopvang door werkende ouders. Nederland leek definitief af te rekenen met de Europese achterstandspositie op het gebied van kinderopvang.

Het huidige kabinet heeft deze ontwikkeling op geheel eigen wijze vertaald. De sterke ontwikkeling van kinderopvang blijkt opeens een substantiële ‘tegenvaller’. In de Rijksbegroting 2008 staat letterlijk: ‘De uitgaven van de kinderopvangtoeslag stijgen harder dan geraamd. De tegenvaller loopt op van 305 miljoen euro in 2008 tot 344 miljoen in 2012.’ In de begroting van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap voor 2008 staat dat hierdoor beleidsmaatregelen (in gewoon Nederlands: bezuinigingen) vanaf 2009 onvermijdelijk zijn.

Uit onderzoek (Waarborgfonds Kinderopvang) blijkt dat nu al een kwart van de kinderopvangorganisaties in financiële problemen dreigt te raken. En de wachtlijsten zijn gigantisch. Bezuinigingen op de kinderopvang zullen deze ontwikkelingen versterken. De gevolgen zijn een gepeperde rekening voor de ouders en een file van wachtende kinderen.

Volgens het CPB begint in 2008 economische tegenwind op te steken. Economen zien als hoofdoplossing het vergroten van het arbeidsaanbod. Betaalbare kinderopvang is dus van levensbelang.

Meer dan de helft van de werkende gezinnen en meer dan 500.000 jonge kinderen maken nu gebruik van betaalbare professionele kinderopvang. De aangekondigde bezuinigingen zijn slecht voor de arbeidsparticipatie van vrouwen, slecht voor de arbeidsmarkt en slecht voor de economische ontwikkeling in Nederland.

Bron: Financieel Dagblad (20 December 2007)

Kinderopvang op platteland nog vaak taboe

LEEUWARDEN - Voor ouders op het platteland is professionele kinderopvang nog niet vanzelfsprekend. Ze maken vaker gebruik van informele opvang als grootouders en buren.

Ouders die hun kinderen meer dan twee dagen naar een kinderdagverblijf brengen, hebben wat uit te leggen.

Dat blijkt uit onderzoek onder ouders in Joure en omgeving, dat ideeën moet opleveren voor nieuwe vormen van kinderopvang op het platteland. Het onderzoek is een initiatief van Skik Stichting Kinderopvang in Joure en wordt gefinancierd door het ministerie van onderwijs, cultuur en wetenschap.

Behalve in Joure is ook onderzoek gedaan in Breda en omgeving en in Amsterdam. Volgens projectmedewerker Emmy Okkema van ‘Opvang anno nu', zoals het onderzoek heet, is de beeldvorming over kinderopvang in Brabant positiever dan in Friesland. In deze provincie is men wel weer enthousiaster over peuterspeelzalen.

Op basis van literatuuronderzoek en gesprekken met ouders en deskundigen, waarvan de eerste resultaten nu bekend zijn gemaakt, gaan de onderzoekers ideeën uitwerken om kinderopvang op het platteland aantrekkelijker te maken voor ‘nieuwe' ouders en voor ouders die al gebruik maken van de opvang.

Bron: Leeuwarder Courant (28 December 2007)

Miljoenen voor kinderopvang

(Novum) - Staatssecretaris van Onderwijs Sharon Dijksma (PvdA) trekt de komende jaren drie miljoen euro extra uit om de controle op de kinderopvang aan te scherpen. Volgens de bewindsvrouw is de sector zo sterk gegroeid dat de GGD niet meer voldoende capaciteit heeft om de controles uit te voeren. Met het geld moeten gemeenten die dat nodig hebben de komende twee jaar de controles op peil brengen.

In een brief aan de Tweede Kamer legt Dijksma uit dat de GGD zich door de toegenomen drukte voornamelijk toelegt op de controle van nieuwe kinderdagverblijven. Daardoor schiet vervolgcontrole bij bestaande kinderopvang erbij in.

Ook de kwaliteit van opvang bij gastouders lijdt onder een sterke groei, blijkt volgens Dijksma uit rapportages van GGD-inspecteurs. Dat komt door gastouderbureaus die zich beperken tot een minimale invulling van hun wettelijke taak, of zelfs dat niveau niet halen. De staatssecretaris dringt aan op aanscherping van de eisen voor de bureaus die zich bezighouden met kinderopvang bij gastouders.

Dijksma liet al eerder aan de Kamer weten te gaan overleggen met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) over het toezicht op de kwaliteit van kinderopvang voor kinderen van 0 tot 4 jaar. Na het overleg heeft ze besloten tot de maatregelen. Zo krijgen projecten van de VNG en de GGD uit 2006 opnieuw subsidie.

Bron: Elsevier

27.12.07

Kerstlunch

Vrijdag 21 december 2007 hebben we kerst geviert op het kinderdagverblijf.
Alle kinderen mochten komen. (ook de kinderen die vrijdags nooit naar het kinderdagverblijf gaan). We gingen gezamelijk brood eten met allerlei lekkers.
We zouden eerst de kerstlunch in de hal doen. Gezellig met alle groepen bij elkaar, maar er waren teveel kinderen daarom heeft iedere groep het apart in de groep gedaan.
Op tafel lag een leuk kerstkleed en wat kaarsjes om het gezellig te maken.
We hadden verschillende bolletjes en allerlei lekkers voor op het brood.
De kinderen hoeften niet eerst te kiezen tussen smeerkaas of smeerworst, maar ze mochten uit alles kiezen. Bijvoorbeeld: Hagelslag, muisjes, vlokken, pasta, jam enz. Ook kregen ze chocolademelk of yogho.
De kinderen smulden allemaal van hun bolletje en aten nu meer dan anders.
Het was er gezellig deze kerstlunch en dat vonden de kinderen ook.

20.12.07

Blauw handjes en voetjes

Er was een kindje op het kinderdagverblijf bij mij en die had helemaal blauw/paarse handen en voeten. We schrokken heel erg toen we het zagen.

Waar komt dat door dat die handjes en voetjes zo blauw/paars waren?
Is het een ziekte? Nee toch?
Kun je het verhelpen?

Verdubbeling aantal te dikke kinderen

02 Maart 2006
Onze anderhalf jaar oude dochter heeft een fikse onderkin een een behoorlijk buikje. Babyvet. Maar toch maar je je wel druk of dat niet altijd zo zal blijven. Nou heeft ze net een week buikgriep achter de rug, en is het babyvet zo goed als verdwenen. Maar feit is wel dat kinderen dikker en dikker worden.

Op sommige leeftijden is het aantal te dikke kinderen de laatste jaren verdubbeld, ernstig overgewicht (obesitas) komt in bepaalde leeftijdscategorieën zelfs driemaal zoveel voor, meldt nu.nl


Dat blijkt uit vandaag gepubliceerde gegevens die onderzoeksinstituut TNO in Leiden en het VU Medisch Centrum in Amsterdam verzamelden van 80.000 kinderen tussen de vier en vijftien jaar. De onderzoekers vergeleken deze gegevens uit de periode 2002-2004 met een studie uit 1997.


Van de jongens is 14 procent te zwaar, van de meisjes 17 procent. In 1997 lagen deze percentages nog op 9 en 12. Kinderen worden ook op steeds jongere leeftijd te dik. In 1980 was een op de vijftien meisjes van negen te zwaar, in 1997 was dit een op de zeven. Het nieuwste onderzoek wijst uit dat de piek van het aantal te zware meisjes nu op acht jaar ligt: op deze leeftijd heeft een kwart al overgewicht.


Meisjes zijn daar op jongere leeftijd al veel bevattelijker voor, laten de gegevens zien. De onderzoekers noemen het opmerkelijk dat veel meer meisjes van vijf te dik zijn (15 procent) dan even oude jongens (10 procent). Tot hun negende zijn er veel meer dikke meisjes dan jongens. Na die leeftijd kruipen de percentages naar elkaar toe, al blijven de dikke meisjes de overhand houden.


Daarom vindt hoogleraar Jeugdgezondheidszorg aan de Vrije Universiteit R. HiraSing, een van de onderzoekers, dat de aanpak van jeugdig overgewicht voor jongens en meisjes verschillend moet zijn. Dat meisjes te dik zijn, moet al voor hun vijfde vastgesteld worden, zodat ze meteen behandeling kunnen krijgen.


Bron: Hester de Waard

18.12.07

Slaapproblemen bij kinderen

Het slaappatroon van kinderen
Een baby slaapt 19 tot 20 uur per dag. De slaap is licht en wordt gemakkelijk verstoord, bv. door geluiden, licht, warmte. Een baby maakt geen onderscheid tussen dag en nacht. Het dag-nachtritme ontwikkelt geleidelijk. Pas op de leeftijd van 2 of 3 jaar krijgt een kind een diepere slaap. Het slaapt vaster en langer. Van 2 tot 6 jaar vermindert de gemiddelde slaaptijd van 13 naar 10 uur per nacht. Tussen 6 en 10 jaar slapen kinderen gemiddeld 9 uur per nacht.

Slaapbehoefte
De behoefte aan slaap verschilt van kind tot kind. Er zijn langslapers en kortslapers, kinderen die snel een duidelijk dag-nachtritme ontwikkelen en kinderen bij wie dit langer duurt... Er is geen specifiek advies over hoeveel slaap een kind nodig heeft en hoe laat het naar bed moet. Als een kind 's morgens spontaan of toch gemakkelijk wakker wordt, dan slaapt het voldoende. Is het overdag hangerig of juist prikkelbaar en druk en ziet het er moe uit, dan kan dat wijzen op slaaptekort.

Kinderen hebben slaap nodig om te groeien, op kracht te komen, informatie te verwerken. Onvoldoende slaap veroorzaakt spanning, concentratiestoornissen, onhandelbaar of druk gedrag, slechte schoolresultaten, ... De gevolgen kunnen heel uiteenlopend zijn. Daarom herkent men ze als ouder niet altijd gemakkelijk.

Inslaapproblemen
Ieder kind raakt wel eens moeilijk in slaap maar heeft daarom nog geen slaapprobleem. Soms ligt de reden voor de hand zoals lawaai, te veel licht, te laat eten, een nieuwe omgeving.

In een aantal gevallen is er een dieperliggende oorzaak die kan leiden tot langdurige slaapproblemen. Kinderen kunnen ernstige problemen hebben zoals voortdurende ruzie of pesten op school, piekeren over verhuizing, verlies van een dierbaar persoon, ... Een ondersteunende babbel en samen nadenken over oplossingen voor de problemen is dan aangewezen.

Sommige kinderen willen controle houden over hun omgeving. Zich overgeven aan de slaap boezemt hen angst in. Vaste rituelen kunnen hen helpen de angst te verminderen en de overgang naar het slapen te vergemakkelijken.Andere kinderen hebben niet geleerd alleen te zijn en willen altijd een vertrouwd persoon in hun omgeving. Ze zijn bang alleen in hun kamer. Knuffels, een vast dekentje, aangename en veilige voorwerpen helpen hen die angst te overwinnen.

Soms zijn medische redenen de aanleiding van slaapproblemen, zoals verkoudheid, luchtwegproblemen, astma, vergrote amandelen, poliepen, jeuk.

Doorslaapproblemen
Sommige kinderen vallen gemakkelijk in slaap maar worden gedurende de nacht één of meerdere keren wakker. Honger, pijn, zich alleen voelen, angstig zijn in een donkere kamer, zich vervelen, ... kunnen de oorzaak zijn.Als uw kind roept of huilt, kan u er even naartoe gaan. Los het probleem liefst in zijn kamer op. Praat op een rustige toon maar blijf niet te lang naast het bed zitten en nodig het kind uit om snel weer verder te slapen.

Specifieke slaapproblemen
Bonken
Vóór het inslapen begint het kind heen en weer te bewegen. Op die manier maakt het de overgang van activiteit naar rust. Het stopt spontaan en bezeert er zich niet mee. U verplicht uw kind best niet om te stoppen met bonken. Het probleem zal wellicht alleen maar erger worden en misschien zelfs overdag tevoorschijn komen, bv. als uw kindzijn zin niet krijgt.Het bijhorende lawaai kan wel storend zijn voor de omgeving. U kan de bedrand verzachten met weefsel en het bed vastzetten met stoppen of een stroef vloerkleed.

Nachtmerries
Vanaf 2 jaar duiken nachtmerries op. Vermoedelijk heeft dit te maken met wat het kind overdag meemaakte, met eventuele angsten of conflicten die blijven doorspelen. Kleuters huilen of roepen vaak bij een nachtmerrie. Kinderen van 5-6 jaar gaan dikwijls zelf naar hun ouders toe als ze wakker worden. Meestal herinnert een kind zich goed waarover de nare droom ging. Nachtmerries zijn een normaal verschijnsel en verdwijnen vanzelf. Toch zullen kinderen even getroost willen worden. Dit gebeurt best in hun bed. U kan uw kind vragen of het over de nare droom wil praten. Gaat het hier niet op in, spreek er dan beter niet meer over.
Nachtelijk gillenNachtelijk gillen treedt meestal op zo'n half uur tot drie uur na het inslapen. Het kind zit rechtop met opengesperde ogen en gilt van angst. Soms maakt het kind ook heftige bewegingen en komt het zelfs uit bed. Het is niet wakker te krijgen. De volgende morgen herinnert het zich niets meer van het hele gebeuren. Nachtelijk gillen is onschadelijk en normaal bij kinderen van 4 tot 7 jaar. Hou uw kind vast tot het bedaard is. Maak het niet wakker, het raakt hierdoor in verwarring. Als uw kind uit bed komt, zorg er dan voor dat er geen ongelukken kunnen gebeuren, bv. geen speelgoed op de vloer, niet bovenaan in het stapelbed slapen.

Slaapwandelen
Slaapwandelen is een normaal verschijnsel dat zich meestal in de eerste uren van de slaap voordoet. Het kind is niet echt wakker en coördineert zijn handelingen minder. Het kan zich ook minder oriënteren. Maak het niet wakker maar zorg ervoor dat het zich niet bezeert en geen gevaarlijke dingen kan doen, bv. door een traphekje te plaatsen, de voordeur op slot te doen.

Tips voor een goede nachtrust
Overdag

> Hanteer zowel overdag als 's nachts een zelfde aanpak : stel duidelijke eisen aan het gedrag in het algemeen, geef goedkeurende aandacht voor gewenst gedrag, negeer en bestraf eventueel ongewenst gedrag, breng een duidelijke dagindeling aan.
> Stuur uw kind liever niet als straf vroeger naar bed. Beperk de straf in elk geval tot max. 15 minuten. Kinderen overdag voor straf naar hun kamer sturen, gebeurt best in beperkte mate. Het risico bestaat dat het slapen als iets onprettigs gaat zien.
> Reserveer de slaapkamer voor het slapen alleen, niet om er te spelen. Een slaapkamer waarin uw kind alleen komt om te slapen, zet het automatisch aan tot slapen.
> Beloon uw kind als het heeft doorgeslapen.
> Kies 's avonds lichte maaltijden en vermijd chips, cola, zoetigheid en koffie vóór het slapengaan.

Voorbereiding
> Laat uw kind 10 à 20 minuten ontspannen vóór het naar bed gaat.
> Stimuleer uw kind om vóór het naar bed gaat rustig te spelen of een boek te lezen. Drukke spelletjes, spannende films op TV of video, flitsende computerspelletjes zijn niet bevorderlijk voor de nachtrust. De beelden en indrukken net vóór het slapengaan moeten immers in bed nog verwerkt worden.
> Kondig vooraf aan wanneer het kind moet gaan slapen en blijf daarbij.
> Vertel het kind rustig maar kordaat dat het "nu" moet gaan slapen.
> Laat uw kind niet de indruk dat u opziet tegen het "slaapdrama".
> Neem als ouders beiden dezelfde houding aan.

Ritueel
> Maak van het slapengaan een dagelijks ritueel met een vaste opeenvolging van dezelfde gebeurtenissen, zoals badje, tanden poetsen, verhaaltje.
> Een ouder kind vraagt soms om nog wat te lezen. Spreek dan af dat u na een kwartier of een half uur nog even welterusten komt zeggen. Op de afgesproken tijd bent u duidelijk en beslist.
> Geef een kersenpitkussentje of warmwaterkruik mee naar bed.
> Laat uw kind kamillethee of warme melk drinken vóór het slapengaan.
> Vermijd lange slaaprituelen waaraan geen einde lijkt te komen en die het kind steeds opnieuw de gelegenheid geven iets te vinden om de aandacht te trekken.
> Geef het kind vóór het slapengaan alles wat het tevoren 's nachts vroeg en kreeg, zoals eten, drinken, zakdoek.

Omgeving
> Zorg dat de slaapkamer niet te licht en niet te warm of te koud is. 18° C is prima.
> Tracht lawaai zoveel mogelijk buiten te sluiten.
> Kleed de kamer leuk aan en zorg voor een behaaglijk bed. De slaapkamer wordt dan een prettige plek waar uw kind zich veilig voelt.
Zorg ervoor dat er in de slaapkamer niets is dat uw kind 's nachts angst kan aanjagen, bv. een opvallend schilderij.
> Laat de deur van de slaapkamer op een kier of laat een lampje op de kamer of in de gang branden om de angst voor het donker te verminderen.
> Verwijder radio, TV, video, computer uit de slaapkamer als kinderen er nog te laat gebruik van maken.

's Nachts
> Ga niet naar uw kind als u boos bent want dan treedt u misschien te hard op.
> Laat uw kind niet bij u in bed slapen. Het wordt heel snel een gewoonte en het kost vaak de grootste moeite om het weer in zijn eigen bed te krijgen.
> Als uw kind echt bang is om te gaan slapen, kan u afspreken dat u het om de 10 of 15 minuten komt bezoeken. Bij deze bezoekjes houdt u het kort en moedigt u het kind aan om weer alleen verder te slapen.
> Beperk als tijdelijk bedoelde troostmaatregelen, bv. drinken als uw kind wakker wordt, er blijven naast zitten tot het opnieuw inslaapt. Het worden al snel gewoonten waar uw kind niet meer wil van afwijken.

Behandeling van slaapproblemen
Diagnose
Elk kind heeft wel eens een korte periode met slaapproblemen. Houden de slaapproblemen een langere tijd aan, raadpleeg dan best uw huisarts. Indien nodig zal deze doorverwijzen naar een gespecialiseerde hulpverlener.

Het bijhouden van een slaapdagboek kan helpen om een diagnose te stellen. Noteer wanneer uw kind naar bed gaat, wanneer het inslaapt, 's nachts wakker wordt, of het doorslaapt of niet, wat u gedaan heeft, bijzondere gebeurtenissen van overdag.

Vermoedt de huisarts een medische oorzaak, dan kan in uitzonderlijke gevallen een slaaponderzoek zinvol zijn. Uw kind slaapt dan één of twee nachten in een slaapcentrum. Met sensoren op hoofd en lichaam worden de hele nacht oogbewegingen, hersenactiviteit, hartfrequentie, bewegingen van de borstkas en de buik, zuurstofgehalte in het bloed geregistreerd.

Denkt de huisarts aan onderliggende psychische problemen, dan kan deze verwijzen naar een psychotherapeut.

Behandeling
Het opvolgen van de hierboven vermelde tips kan in veel gevallen een oplossing bieden voor de slaapproblemen.

Naargelang de onderliggende oorzaak zal de huisarts doorverwijzen naar een gespecialiseerde hulpverlener die een behandeling op maat van uw kind start.

Geneesmiddelen zijn in het algemeen niet aangewezen. Gebruik ze in ieder geval nooit op eigen initiatief en zorg, samen met de arts, ook voor de afbouw van de medicatie.

Bron: http://www.cm.be/nl/100/uwgezondheid/uwgezondheid/kinderen/slaapproblemenbijkindren.jsp

17.12.07

Kinderen met een handicap naar een kinderdagverblijf

Ik vind dat kinderen met een beperking ook naar een kinderdagverblijf moeten kunnen. Het kinderdagverblijf moet dan wel bevoegd zijn om deze kinderen de goede zorg te geven en ze vriendelijk te kunnen opvangen.
Ouders van deze kinderen willen ook kunnen werken en moeten de mogelijkheid kunnen krijgen om hun kind naar een kinderdagverblijf te brengen.

Een kinderdagverblijf moet eigenlijk leidsters hebben die met deze kinderen kunnen omgaan en die ook bevoegd er voor zijn. Die deze kinderen goed en liefdevol kunnen opvangen. Zo krijgt iedereen een mogelijkheid om zijn of haar kind naar een kinderdagverblijf te werken als ze moeten werken.
Ik vind dat alle kinderdagverblijven deze mogelijkheid moeten hebben. Athans sobieso 1 a 2 in iedere stad/ dorp.
Het hoeft geen kinderdagverblijf te zijn wat alleen voor kinderen met een beperking is, maar een groep is goed. Zo kunnen deze kinderen ook omgaan met leeftijdsgenoten die geen beperking hebben. Zo krijgen ze een kans om ook andere kinderen te zien.

De regering mag best meer geld beschikbaar stellen voor de instellingen, want lang niet overal zijn van deze kinderdagverblijven.
Ouders krijgen zo ook rust en kunnen gaan werken als ze dat willen. Het is toch zeer vermoeiend om een kind met een beperking te hebben. Ze vragen veel aandacht en dat heb je niet altijd. Soms zit alles niet mee en wil je even rust, maar je kind moet je overal mee helpen. (Athans voor een grote deel).
Maar ik vind niet dat ouders een kind iedere dag naar een kinderdagverblijf moeten brengen als ze niet werken. Zo wordt het kind daar maar gedropt en zelf leuke dingen doen. Het kind wil namelijk ook door zijn of haar ouders verzorgt worden en daar liefde en aandacht van krijgen.

Advies over integratie gehandicapte kinderen in de kinderopvang

Persbericht, 16 april 2002

Kinderen met een handicap moeten, meer dan nu het geval is, gebruik kunnen maken van de reguliere kinderopvang. De overheid moet hiervoor financiële stimulansen in het leven roepen. Hiermee kan de benodigde extra zorg geboden worden en kunnen leidsters geschoold worden in het omgaan met gehandicapte kinderen. De wettelijke bouwvoorschriften voor kinderdagverblijven moeten aangescherpt worden. Met deze maatregelen kunnen, indien de ouders dat willen, op termijn tenminste vier van de vijf gehandicapte kinderen naar een gewoon kinderdagverblijf.

Dit schrijft de commissie-Torenstra (*) in het advies ’Kind onder kinderen’ dat dinsdag bij het kinderdagverblijf Rolykids in Rotterdam is aangeboden aan staatssecretaris Margo Vliegenthart van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. De staatssecretaris had begin dit jaar zelf om het advies gevraagd nadat uit onderzoek bleek dat er veel belemmeringen zijn om kinderen met een handicap aan kinderopvang te laten deelnemen terwijl ouders dat wel voor hun kinderen zouden willen. Naar schatting worden jaarlijks twee procent van de kinderen geboren met een lichamelijke of verstandelijke handicap.

De commissie hanteert als uitgangspunt dat ook gehandicapte kinderen in staat moeten worden gesteld naar gewone kinderopvang te gaan, tenzij de aard van hun handicap dat onmogelijk maakt. Om dit te realiseren stelt de commissie voor een tweetal budgetten in het leven te roepen. Het eerste is een integratiebudget voor kinderen met een lichte handicap. Gemeenten zouden hiervoor extra geld moeten krijgen van het Rijk. Het integratiebudget moet ook gaan gelden voor peuterspeelzalen. Het integratiebudget kan volgens de commissie snel werkzaam zijn: kinderen die hiervan gebruik maken zouden binnen twee jaar in de gewone crèche terecht moeten kunnen.Voor kinderen die ernstiger gehandicapt zijn en meer zorg nodig hebben zou een plusbudget ingevoerd moeten worden waarbij de extra zorg in het kinderdagverblijf op grond van de AWBZ vergoed wordt. Hiervoor zijn vaker bouwkundige aanpassingen nodig. Daarom stelt de commissie dat kinderen met een ernstiger handicap binnen 4 tot 6 jaar in alle kinderdagverblijven terecht moeten kunnen.

Verder stelt de commissie om in aanvulling op het nieuwe Bouwbesluit dat in juli 2002 van kracht wordt, extra richtlijnen voor toegankelijkheid op te laten nemen in de nieuwe Wet Basisvoorziening Kinderopvang die 2004 van kracht wordt. Ook moet goede toegankelijkheid van kinderopvang onderdeel worden van de Wet Gelijke Behandeling op grond van handicap of chronische ziekte, die dit kabinet heeft opgesteld.Tenslotte wil de commissie bij elke gemeente een loket voor kinderopvang waar ook ouders van gehandicapte kinderen terecht moeten kunnen. Als deze maatregelen genomen zijn, zouden ouders en kinderdagverblijven met een landelijke voorlichtingscampagne van de mogelijkheden bewust gemaakt moeten worden.

De commissie heeft de kosten van de maatregelen niet in kaart gebracht. Hiernaar zou volgens de commissie nader onderzoek moeten plaatsvinden. Naast extra kosten in de reguliere kinderopvang, vinden ook besparingen plaats doordat minder gebruik gemaakt hoeft te worden van de huidige, duurdere aangepaste opvang waar alleen kinderen met een handicap gebruik van maken, zo stelt de commissie.

(*) De commissie bestond uit: J.P. Torenstra, wethouder te Delft (voorzitter), mw. S.E. Attinger, directeur stichting Rijswijkse kinderopvang, en W.J. van Minnen, algemeen directeur Chronisch zieken en Gehandicapten raad
Verwijzingen

Bron: http://www.minvws.nl/persberichten/djb/advies_over_integratie_gehandicapte_kinderen_in_de_kinderopvang.asp

Gehandicapte kinderen in de reguliere opvang

Steeds meer ouders willen hun kind met een handicap zo gewoon mogelijk laten opgroeien: spelen met vriendjes en vriendinnetjes in de buurt, gewoon kind zijn met andere kinderen. Een plaats in de reguliere kinderopvang hoort daarbij. Reguliere kinderopvangvoorzieningen zijn bijvoorbeeld peuterspeelzaal, kinderdagverblijf, buitenschoolse opvang (BSO) en gastouderopvang. De opvang van gehandicapte kinderen in de reguliere opvang wordt geïntegreerde kinderopvang genoemd.

Een plaats in een gewone kinderopvang biedt allerlei voordelen. Gehandicapte kinderen steken vaak veel op van de omgang met niet-gehandicapte leeftijdgenootjes. En andersom krijgen niet-gehandicapte kinderen de kans om kinderen met een handicap te leren begrijpen en accepteren.
Reguliere opvang is vaak veel dichter bij huis te vinden dan speciale opvang; dat betekent dat uw kind niet met een busje naar de opvang hoeft te worden gebracht en dat uw kind contact krijgt met kinderen uit de buurt.

Voor u kan opvang van uw gehandicapte kind betekenen dat u meer tijd en ruimte krijgt voor uzelf en de andere gezinsleden. Zo wordt het makkelijker voor u om uw kind thuis te blijven opvoeden. Voor werkende ouders is de reguliere opvang aantrekkelijk omdat die vaak veel beter aansluit bij hun behoefte dan de speciale opvangvoorzieningen.

Een peuterspeelzaal
biedt beperkte opvang, meestal van 9 tot 12 uur, om ouders te ontlasten en het kind te laten wennen aan leeftijdgenootjes en het schoolse model. De peuterspeelzaal is bedoeld voor kinderen van 2 tot 4 jaar.

Een kinderdagverblijf
biedt opvang parallel aan de tijden dat een ouder werkt. Dit kan zijn tussen 7 en 19 uur, afhankelijk van de werktijden van de ouders.


Hoe vind ik een goede plek in de reguliere opvang voor mijn kind?

U hebt besloten dat u uw kind in een reguliere opvangvoorziening wilt plaatsen. Maar hoe makkelijk is het om uw kind in een gewone opvang geplaatst te krijgen? En hoe wenselijk is het eigenlijk? Er kunnen allerlei vragen bij u opkomen, zoals:

> Is het moeilijk om een kinderopvangplaats te vinden voor een kind met een beperking?
De opvang van gehandicapte kinderen in de reguliere opvang is nog volop in ontwikkeling. Er zijn geen algemene regels of regelingen. Er zijn in Noord-Brabant voldoende plaatsen, zij het niet altijd op het gewenste dagdeel. Sommige dagopvangvoorzieningen hebben een voorrangsregeling voor het plaatsen van gehandicapte kinderen, terwijl deze kinderen bij andere voorzieningen worden geweerd.

In Tilburg zijn enkele kinderopvangorganisaties die kinderen met specifieke wensen opvangen. Waar nodig wordt met het Rugzakje specifieke begeleiding van bijvoorbeeld de thuiszorg ingehuurd. Een andere vorm van samenwerking is de kinderopvang voor kinderen met een beperking in verschillende groepen maar in één gebouw. Daar vindt op gezette tijden uitwisseling plaats tussen kinderen en leidsters.

> Hoe kom ik erachter of een bepaalde reguliere opvangvoorziening geschikt is voor mijn kind?
Belangrijk is de reactie van de leidsters en de leidinggevenden in het kinderdagverblijf. Denken ze mee, zoeken ze samen met u actief naar oplossingen? Of reageren ze star en zeggen ze al gauw dat iets niet kan? Kijken ze naar het hele kind, of zien ze uw kind alleen als een handicap? Kijken ze ook naar wat wel kan, hebben ze een positieve insteek? Het is voor beide partijen een kwestie van uitproberen.

Een kinderdagverblijf doet het goed als het erin slaagt het kind zo gewoon mogelijk te laten meedraaien door het de nodige extra aandacht te geven. Het is essentieel dat u actief betrokken blijft bij de opvang van uw kind en dus ook na de plaatsing blijft meedenken over hoe het beter kan.Soms heeft een kind zo veel extra zorg nodig dat er een paar extra handen nodig is. Die zorg kan bijvoorbeeld worden betaald uit het persoonsgebonden budget van het kind, maar er bestaan ook andere mogelijkheden. Niet alle kinderopvangcentra kennen die. Vraag ernaar bij de MEE-organisatie in uw regio.

Bron:
http://www.meeregiotilburg.nl/index.php/type/zoeken/id/30767/type_landelijk/P/doelgroep//leeftijdCode//thema//trefwoord//soort/

Hoe denk ik over Kindermishandeling

Ik vind dat kindermishandeling niet kan. Ik vind het echt te ver gaan.
Als je voor kinderen kiest dan moet je ze ook goed opvoeden. Je weet van de voren dat een kind niet altijd luistert. Je bent zelf immers ook jong geweest.
Als je een kind mishandeld dan ben je zelf niet helemaal goed. Je moet dan echt eens nagaan of je misschien geen hulp nodig hebt.
Een kind weet niet wat goed of slecht is. Een kind moet het leren en jij bent diegene wat het goede voorbeeld hoort te geven.

Ook andere mensen dan ouders kunnen het kind mishandelen. Bijv. Ooms, tantes, neefjes, nichtjes, vrienden enz.
Dat vind ik net zo erg als dat een ouder zijn of haar kind mishandeld. Niemand hoort een kind te mishandelen! Een hoort op te groeien in een beschermde omgeving en met liefde opgevoed te worden. Zowel door ouders als door de rest. Je mag misschien iemand niet mogen, maar dat geeft je nog geen recht om hem of haar dan te gaan mishandelen.
Kinderen die mishandeld worden houden en een drama aan over of kunnen het zelf ook gaan doen, omdat ze denken dat het normaal is. Zij zijn zo behandeld dus zij mogen het ook bij anderen doen, maar dat moet jij behoeden. Jij moet het kind duidelijk maken dat het niet hoort en dat je iedereen met respect moet behandelen zoals jij zelf ook behandeld wilt worden.

Ik heb hier een duidelijk mening over!

16.12.07

Kindermishandeling

Wat is kindermishandeling?
Ieder kind heeft recht op liefde, aandacht en een goede verzorging. Maar niet ieder kind krijgt dat ook. Er zijn ouders die hun kind verwaarlozen of mishandelen hun kind lichamelijk, geestelijk of seksueel. Mishandelen is ook als ouders een kind pesten of treiteren maar ook als ze het kind van binnen pijn doen. Dit gebeurd als het kind van alles de schuld krijgt. Het kind krijgt dan het gevoel dat het niks goed kan doen en het motiveert het kind niet om nog iets te doen. Er zijn kinderen die aan het lot overgelaten worden. Ze moeten zelf maar zorgen dat ze eten krijgen en hun kleren schoon krijgen. Dit is verwaarlozen. Je word ook verwaarloosd als je nooit een knuffel krijgt, een aai over de bol of een lief woord hoort. Er zijn ook mensen die juist kinderen willen knuffelen of aaien. Dit is seksueel mishandelen.

Kindermishandeling is nooit de schuld van kinderen of jongeren zelf. De meeste ouders willen hun kind helemaal niet mishandelen maar het gebeurd soms uit onmacht doordat ze bijvoorbeeld problemen hebben die ze niet aan kunnen.

Jaarlijks worden er ongeveer 80.000 kinderen in Nederland mishandeld. Het gaat om kinderen van alle leeftijden, om jongens en meisjes met de meest uiteenlopende achtergronden.


Vormen van Kindermishandeling
Er zijn verschillende vormen van kindermishandeling. Je hebt lichamelijke mishandeling, geestelijke mishandeling, seksueel misbruik of verwaarlozing. We werken de vormen hieronder uit.

Lichamelijke mishandeling:
Lichamelijke mishandeling is dat iemand anders het kind of de jongere verwond. Dat kunnen bijvoorbeeld kneuzingen, snij-, brand- of schaafwonden zijn. Maar ook botbreuken en hersenletsel valt onder mishandeling. De lichamelijke verwondingen kunnen ontstaan doordat een volwassene het kind of de jongere slaat, stompt of schopt enz.

Geestelijke mishandeling:
Deze mishandeling gebeurt telkens weer. Een volwassene zegt dat het kind niets kan en niets goed doet. Die keurt alles wat het kind doet af. Het kind wordt hierdoor vernederd en niet gemotiveerd om verder dingen te gaan doen. Slaap te kort hoort ook bij deze mishandeling. Als het kind regelmatig slaap te kort heeft dan wordt het ook geestelijk mishandeld.
Pesten, bang maken, onredelijk hoge eisen stellen horen ook bij deze mishandeling.Deze mishandeling blijkt moeilijk te signeren, maar is minstens net zo pijnlijk als de lichamelijke mishandeling.

Seksueel misbruik:
Seksueel misbruik zijn alle seksuele contacten van kinderen onder de 16 jaar met volwassen. De seksuele contacten die plaats vinden zijn tegen de zin in van het kind of waarvan een kind zich niet kan onttrekken.
Je kunt onderscheid maken in seksuele intimidatie en gedwongen seksuele handelingen. Bij seksuele intimidatie gebruikt de volwassene verbale en non-verbale communicatie. Dat kunnen bijvoorbeeld opmerkingen zijn die te maken hebben met seks, zoals moppen vertellen die met seks te maken hebben. Als een volwassene telkens knipoogt valt dat onder non-verbaal. Bij gedwongen seksuele handelingen is de volwassene handtastelijk. Bijvoorbeeld, aanranding, verkrachting.

Emotionele verwaarlozing:
De volwassene geeft het kind niet wat het nodig heeft voor de geestelijke en lichamelijke gezondheid en ontwikkeling. Onder geestelijke gezondheid verstaan we: Aandacht, liefde, respect, veiligheid, warmte enz. Bij lichamelijke gezondheid gaat het om: te kort aan voeding, slaap, benodigde medicijnen of kleding.


Signalen van kindermishandeling
Een lijst met signalen van kindermishandeling is alleen maar een hulpmiddel dat je kunt gebruiken om je vermoeden te toetsen. Je moet bedenken dat deze signalen ook andere oorzaken kunnen hebben. Het hoeft niet direct met kindermishandeling te maken te hebben. Als een kind bijvoorbeeld een blauwe plek heeft dan is dit geen reden tot zorgen. Als het kind iedere dag weer met blauwe plekken komt is het een ander verhaal. Overleg altijd met collega’s en vraag bij twijfel om advies.
Niet alle kinderen laten het merken dat ze mishandeld worden.

Algemene zorgwekkende signalen:
> Overdreven aanhankelijk gedrag.
> Pesterig gedrag
> Overdreven teruggetrokken gedrag
> Bang zijn voor alles wat nieuw of anders is.
> Blauwe plekken op vreemde plaatsen
> Angst bij het verschonen
> Altijd pijntjes en klachten
> Altijd bezig met het afschermen van zijn of haar territorium.

Signalen per leeftijdsgroep:
Baby’s:
> Het kan vies gebracht worden.
> Je merkt vaak iets vreemds aan de geslachtsdelen.
> Het kind heeft regelmatig blauwe plekken of andere verwondingen
> Het kind is vaak angstig/ schrikachtig.

Peuters en kleuters:
> Het kind speelt seksueel getinte spelletjes die niet bij zijn of haar leeftijd passen.
> Het kind kan zich opeens slecht concentreren.
> Het kind heeft regelmatig blauwe plekken of andere verwondingen.
> Het kind reageert afwijkend op knuffelen en lief gedrag.

Oudere kinderen:

> Het kind wil niet meer meedoen aan fysieke spelletjes.
> Het kind is agressief of juist erg terug getrokken.
> Het kind heeft vaak verwondingen zonder duidelijke verklaring.
> Het kind maakt seksueel getinte opmerkingen die niet bij zijn of haar leeftijd passen.

Niet verleiden door vooroordelen
Als je vermoed dat er sprake is van kindermishandeling moet je goed weten waar je op moet letten.
Een opvallend signaal is als het kind zich anders gedraagt. Dit is dan wel plotseling. Deze veranderingen kunnen van alles zijn. Bijvoorbeeld: Het kind is plotseling niet meer zindelijk, heeft ander gedrag, wil niet meer graag met andere spelen, heeft slaap of eetproblemen, enz.
Het kan ook lichamelijke veranderingen hebben. Het kind heeft buik pijn, blauwe plekken, pijn in de buurt van de geslachtsorganen of blaasontsteking.
Het kan ook lijken dat het kind bang is voor lichamelijk contact. Bijvoorbeeld dat ze niet aan geraakt wil worden of depressief zijn. Kinderen kunnen juist ook seksueel spel willen dit niet bij zijn of haar leeftijd past.

Er zijn nog meer signalen, maar het geldt voor alle signalen dat het meestal om combinaties gaan. Deze signalen hoeven te leiden tot kindermishandeling. Het kind kan ook niets laten merken, maar toch mishandeld worden. Als een kind mishandeld wordt komt het soms zelf vertellen wat er aan de hand is. Neem het kind dan serieus. Je moet het kind ook serieus nemen als er geen aanwijzingen zijn tot kindermishandeling. Niet alle kinderen vertellen er over. Ze zijn dan soms bang om het te vertellen, want de dader dreigt dan met meer mishandeling. Je het kind respecteren en voorzichtig zijn met wat je vertelt. De veiligheid van het kind staat voorop.

De gevolgen van kindermishandeling kunnen zijn:
> Ontwikkelingsstoornissen: Kindermishandeling remt de ontwikkelingen heel erg af en zo kan het ontwikkelingsstoornissen veroorzaken. Kindermishandeling tast de emotionele ontwikkelen en de vooruitgang van de motoriek, de spraak, groei, taalgebruik van het kind aan. De schade aan de emotionele ontwikkeling op jonge leeftijd kan later bij volwassen leeftijd weer naar voren toe komen. Bijvoorbeeld: gedragsproblemen, verslaving, crimineel gedrag en psychische problemen. Er kan zelfs zelfmoord aan te pas komen. Dit gebeurd als het kind zo verward is door de kindermishandeling.
> Lichamelijk letsel: Dit wordt veroorzaakt door lichamelijke mishandeling. Sommige verwondingen die een kind op kan lopen zijn door middel van medische hulp wel te genezen, maar ernstige verwondingen zoals littekens zullen het kind er altijd aan blijven herinneren. Het shaken – baby – syndroom ontstaan wanneer een kind hard op het hoofd wordt geslagen of als een baby heftig heen en weer wordt geschud. Hierdoor kunnen er bloedingen in de hersenen ontstaan. Als een baby in de buik wordt geschopt of gestompt lopen de inwendige organen een gevaar.Als een kind seksueel misbruikt wordt kent het ook lichamelijke schade. Hier denken we aan verwondingen aan de geslachtsorganen of de anus, enz. Het kind kan geslachtsziektes oplopen als er geen condoom wordt gebruikt. Het kind kan al op jonge leeftijd een aids – patiënt worden, als de dader seropositief is. Het kind die seksueel misbruikt wordt kan op jonge leeftijd zwanger worden. De dader die het kind zwanger heeft gemaakt, probeert het kind zover te krijgen dat er een abortus plaats vind. Dit doet hij om de misbruik verborgen te houden.
> Verstoord sociaal functioneren: Het kind kan problemen krijgen door de mishandeling met het functioneren in de maatschappij. De gevolgen kunnen zich op een heleboel manieren voordoen. Voorbeelden: Een kind kan zich anders gaan gedragen in een groep. De andere kinderen hebben dit snel in de gaten. Ze kunnen dan gemeen en hard tegen iemand zijn die anders is dan henzelf, zonder dat ze het in de gaten hebben wat er met hun klas of buurtgenootje aan de hand is.
> Dodelijke afloop: In de ernstige gevallen komt het kind te overlijden. Dit kan komen doordat het zwaar is mishandeld of verwaarloost.

Gevolgen van kindermishandeling*in de volwassene tijd*
Deze traumatische gevolgen/gebeurtenissen kunnen op latere leeftijd voor komen bij volwassenen die als kind zijn mishandeld:
> Zelfmoord of zelfverwonding: Mensen die vroeger zijn misbruikt zoeken vaak uitvluchten om te proberen de ellende van vroeger te vergeten. Zelfmoord is een definitieve vlucht om van de ellende af te zijn. Je stapt dan voor altijd uit de ellende. Zelfverwondingen lijken vaak een begin van zelfmoord, maar meestal verminkt een slachtoffer zichzelf om woede af te reageren. Het lichaam is misbruikt en heeft het in de ogen van het slachtoffer uitgelokt. Het moet door middel van zelfverwonding gestraft worden.
> Dissociatieve stoornissen: Als je een boek leest en je bent er geconcentreerd mee bezig merk je niet altijd wat iemand zegt of als er iemand de kamer binnen komt. Dit zijn vormen in het alledaagse leven van dissociatie. Je bewust zijn sluit dan af voor een aantal indrukken uit de omgeving. Een slachtoffer van mishandeling kan dit gebruiken om zich helemaal af te sluiten voor lichamelijk geweld of seksueel misbruik. Ze sluiten zich dan af voor de gebeurtenissen, maar ook voor de daarbij horende emoties. Slachtoffers hebben dit proces niet of nauwelijks in de hand.
> Verstoord sociaal functioneren: Op volwassen leeftijd heeft kindermishandeling nog invloed op wat iemand van andere volwassen verwacht. Het kan tot misverstanden, bepaalde spanningen leiden in omgang met andere volwassenen. Als een volwassene een relatie heeft komen deze behoeftes een vooroordelen heel vaak naar voren. De partner kan ondanks zijn goede wil niet het vertrouwen winnen van de persoon.
> Psychosomatische klachten: Slachtoffers hebben soms lichamelijke klachten aan de mishandeling overgehouden. Deze klachten zoals buikpijn, hoofdpijn zouden een psychische oorzaak kunnen hebben. We spreken dan van psychosomatische klachten. Soms blijken bepaalde klachten het indirecte gevolg van kindermishandeling te zijn.
> Posttraumatische stressstoornis: Als een slachtoffer geen tijd of kracht heeft om van een bepaalde gebeurtenis te herstellen kan dat leiden tot een posttraumatische stress stoornis. Het komt meestal naar voren doordat iemand, zelfs jaren na de gebeurtenis nog de schokkende gebeurtenissen herbeleeft in de vorm van onverwachte en indringende herinneringen met de bijbehorende angsten.
> Verslaving: Om herinneringen van vroeger te verdringen kunnen slachtoffers verslaafd raken. Ze beginnen met drugs of drank. Eerst 1x als dit helpt dan doet men dat de volgende keer maar weer. Zo zijn ze binnen een korte tijd verslaafd.

Gevolgen van kindermishandeling*voor de omgeving*
Kindermishandeling beïnvloedt de leefomgeving waar wij in leven. Mensen gaan op een andere manier met elkaar om. Mishandeling moet worden voorkomen. Niet alleen in het belang van het kind, maar ook voor de mensen die er omheen bij betrokken raken. Voorbeeld:
> De eigen ervaringen hebben een grote invloed op de manier waarop ouders met hun kind(eren) omgaan: Als een ouder op een liefde volle manier is opgevoed, kan hij/zij daar emotioneel en praktisch veel steun uitputten. Heeft een ouder een minder plezierige jeugd gehad kan dit nadelen hebben bij de opvoeding van zijn of haar kinderen. Niet elke ouder die zelf vroeger mishandeld is, gaat dit later bij zijn of haar kinderen doen.
> De overdracht van geweld:Een mishandeld kind dat buitenhuis zich afreageert met geweld.
Een vader die de moeder slaat. De moeder scheld het kind uit. Een kind wat misbruikt is en wat andere kinderen onzedelijk betast.Dit zijn allemaal weer dingen die weer in elkaar haken. Iedereen neemt elkaars gedrag over.

Bron: http://www.kindermishandeling.nl/
Tijdschrift Kinderopvang (Kind in de knel)
Tijdschrif Kiddo (Wat doe je als je kindermishandeling vermoed)

13.12.07

Kinderen uit huis plaatsen bij kindermishandeling

Discussie:
Kinderen moeten zo snel mogelijk uit huis geplaatst worden als ze mishandeld worden:

De helft van de groep vind dat het mishandelde kind niet direct uit huis geplaatst moet worden. En de andere helft vind van wel

Waarom niet:
Ze moeten eerst kijken of het kind erg mishandeld wordt en als het door de ouders gedaan wordt of door een broertje, zusje of familie.
Als het door de ouders, zusje of broertje wordt gedaan dan moet je ze hulp aanbieden. Je kunt dan het kind er altijd nog uitplaatsen als de therapie of dergelijke niet helpt. Het kind kun namelijk niet eerst bij de ouders weghalen en later er toch weer terug plaatsen omdat je niet wist of de therapie hielp.

Waarom wel:
Een mishandeld kind lijd pijn. Om het kind te beschermen haal je het weg bij de personen die het kind mishandelen. Zo krijgt het kind rust. Het is weg en kan het probleem proberen te verwerken.


Maar het kind weghalen bij de ouders is een ramp. Een kind houdt van zijn of haar ouders. Of ze hem of haar nou pijn doen of niet. Ze zijn loyaal tegen ouders. Als een ouder wat doet dan vergeef je hem toch weer, omdat het je vader of moeder bijvoorbeeld is.
Zelf ben je ook zo tegen je ouders, want als je vader een keer hard tegen je schreeuwt en je hebt al herhaaldelijke keren tegen hem gezegd:" Nu moet je ophouden, want dat is niet normaal." Maar naar die kleine ruzie vergeef je hem toch weer, omdat het je vader is.

Ik vind dat je kinderen die mishandeld worden niet direct uit huis moet plaatsen. Je moet zijn of haar ouders eerst therapie geven zodat ze hun probleem kunnen proberen op te lossen. Daarna kun je het kind nog uit huis plaatsen als de ouders niet mee willen werken of dat de therapie niet helpt.

Zijn sommige kinderen dom?

We hebben in de klas een discussie gehad over dit onderwerp:
Zijn sommige kinderen dom?

Wat is dom? Is dom dat je niet kunt leren of juist dat je niet wilt leren?
Kinderen willen soms niet leren, omdat ze andere dingen willen doen. Bijv. spelletjes spelen op de computer en niet het huiswerk maken. Ze hebben de kans om een goede opleiding te doen, maar willen het niet doen. Deze kinderen zij niet dom, maar ze zijn dom bezig.Dit is dat je er later misschien spijt van krijgt en dan denkt of zegt: Wat ben ik toen toch dom geweest. Als ik meer mijn best had gedaan dan had ik nu een mooie diploma.
Dit is hetzelfde als dat je met de fiets tegen een stilstaande auto op fietst. Na de tijd zeg je ook: Oh wat was ik dom. Dit is niet dat je telkens dom bent. Dit gaat om een moment dat je dom bezig bent en dat je beter had moeten kijken.

Mensen met een verstandelijke handicap zijn ook niet dom. Zij zijn goed voor wie ze zijn. Ze kunnen misschien niet goed leren, maar ze zijn misschien juist weer goed in andere dingen. Bijv. hardlopen of fietsen. Zo heb je dat ook met mensen zonder een handicap. Sommige zijn goed in talen en anderen in wiskunde, weer andere in koken en andere in luisteren enz.

Niemand in de groep is naar de discussie er over eens.
Niemand is dom!!
Iedereen is goed in wat hij of zij het liefst doet en wat hij of zij ook kan. Iedereen heeft zijn eigen specaliteiten!!

Weg met de kuipstoeltjes


Weg met de wippertjes, kuipstoeltjes en schommelstoeltjes. Baby's moeten weer bewegen.
Een kind ontwikkelt zich het beste als het de ruimte krijgt om veel zelf te doen in zijn eigen tempo. Dat is de kern van de visie van een kinderarts. Een waarheid als een koe, maar we zijn het toch een beetje vergeten. Het empo van onze maatschappij is niet erg kindgericht. We zijn mobieler, hebben minder tijd. Bovendien zijn we banger geworden. We willen dat het kind veilig is. Het resultaat: kinderen worden het grootste deel van de dag in een stoeltje gesnoerd. Als je binnen komt bij een kindercentrum schrik je vaak van al die stoeltjes. Kuipstoeltjes, wippertjes, schommelstoeljes. Het is misschien veilig, maar het is niet in het belang van het kind. Dat heeft veel te weinig mogelijkheiden om zich te ontwikkelen. Een kind moet experimenteren.

Hoe moet het dan wel?
Ten eerste moet je kinderen minder in een stoeltje, maar meer op de grond leggen. Een vlakke, stevige ondergrond zorgt ervoor dat de baby meer beweegt, meer spieren gebruikt en sneller sterk wordt. Laat baby's bewegen. Ook voeden gebeurt tegenwoordig bijna altijd in een stoeltje. De fles, de babyvoeding, het fruithapje, alles krijgt het kind in de stoel. Voed dus veel vaker op schoot. Dat is beter voor de ontwikkeling van de rug van de baby.


Vaak wordt gedacht dat de Pikler aanpak ergonomisch niet verantwoord is, je moet de baby immers op de grond leggen en weer optillen. Tineke van Westerop denkt daar anders over. (Een kinderfysiotherapeut die de Emmi Pikler ontarmt.) Vaak wordt ergonomie bijna synoniem met " hoog zitten" gezien. Maar bedenk wel dat je kinderen steeds ook zo hoog moet tillen. Als je echt werkt volgens pikler. Til je per saldo minder. Het uitgangspunt is immers dat je kinderen zoveel mogelijk zelf laat doen. Een baby moet je inderdaad optillen, maar de grotere kinderen help je niet, die laat je zelf op het stoeltje klimmen. De mooiste oplossing is een podium, waarop de kinderstoeltjes staan, dan kun jij hoog zitten en het kind kan toch zelf in het stoeltje klimmen. De kinderen lopen dan viaeen schuine helling het podium op.

Pedagogisch medewerkers die de methode consequent toepassen, zeggen dat ze op den duur minder gaan tillen. Het gaat ook om het goed organiseren van je eigen werk. Dat geeft ook veel rust. Je merkt dat baby's die naar behoefte mogen slapen, spelen en eten, veel rustiger zijn. En wie wil er nu een huilende baby? Blije baby's willen we. Het is juist de stress die het werk zwaar maakt en klahten veroorzaakt. We moeten hier met elkaar balans in vinden.

Verzorgingsmomenten zijn geweldig belangrijk. Als je het kind liefde en aandacht geeft, heeft het als het ware een volle brandstoftank en kan het daarna weer heel lang zichzelf vermaken. Als je de baby na de verzoging neerlegt op de grond, ga het met handjes en voetjes spelen en leert het kind omrollen. Je hoeft niets te stimuleren, laat het kind experimenteren. Elk kind wil gaan staan, heeft de innerlijke drang om zich op te richten, dus het kind beweegt vanzelf wel.
Lichaamstaal
Emmi Pikler gaat uit van het principe van de competente baby. Dat betekent geen hulpeloze baby, die zelf aangeeft waar hij behoefte aan heeft. Je moet respect hebben voor de behoeften van een kind. Laat de baby bepalen wanneer hij honger of slaap heeft. dat betekent dat je goed moet observeren. Als het kind in zijn oogjes wrijft of aan zijn oortjes zit, heeft hij slaap, dat weet elke moeder. Geef het kind waar hij om vraagt. Kijk naar het gedrag van de baby. Besef daarbij ook wat je zelf aan lichaamstaal uitstraalt. Je handen zijn instrumenten, die informatie doorgeven. Liefde, maar ook boosheid. je handen vormen de taal voor de baby. Zeg steeds wat je gaat doen en vertel wat je doet.

Rustige babyruimte
Verder moet de babyruimte rust uitstralen. Groepsruimte zijn nu vaak heel druk en kleurig met veel speelgoed. Maar een pasgeboren baby heeft nog een onriip zenuwstelsel en kan geen prikkels selecteren. Hij wordt aangetrokken tot alles wat kleurig is en beweegt. beter is om een aparte babyruimte te hebben, waar het rustig en vriendelijk is. Bier ook niet te veel speelgoed aan. Deze zelfredzame baby's kunnen latern moeiteloos naar de volgende groep overstappen.


Tips
> Zorg voor hanteerbaar speelgoed. Geen mobiel van Bert en Ernie, maar simpele dingen zoals een bontgekleurde zakdoek, gekleurde bakjes en schaaltjes, een eenvoudige rammelaar
> Zet alle kinderen die al aan tafel op een stoel kunnen zitten met een pedagogisch medewerker aan tafel. Een collega kan in de tijd die de lunch in beslag neemt, een voor en de baby's op schoot voeden.
> Om de ruimten waar baby's op de grond liggen en de kruipruimte van elkaar te scheiden, kun je behalve de hekjes ook prima speelkussens gebruiken.
> Lastig, een kind voeden op schoot? Ga aan tafel zitten met het kind, dan kun je het potje of bakje op tafel zetten. Gef het kind ook een lepel, dat geeft een gevoel van meehelpen.
Bron:
Tijdschrift kinderopvang (nr.12 December 2007)

Kerst op het kinderdagverblijf

Sinterklaas is afgelopen en kerst komt eraan.
We zijn op het kinderdagverblijf al druk bezig om alles te versieren voor kerst.
Gisteren (Woensdag 12 december 2007) mochten 's avonds ouders komen om de groepen te versieren. Raamschilderingen maken, Knutselwerkjes knippen, kerstboom versieren, slingers ophangen. Kort gezegd de groep gezellig te maken.
Ze hebben hun werk goed gedaan! Het ziet er erg gezellig uit in de groep.
Hier onder een paar foto's



Hier zie je de kerstboom
en de raamschildering.
Een kerstmuis op een kerstbal




Verder hebben we met de kinderen leuke dingen knutselwerkjes gemaakt zoals een hertje.
Deze hebben we opgehangen in een hoek wat erg leeg was.

Zie foto.






10.12.07

Wat moet ik doen bij een onverzorgd kind?

Leidster van een kinderdagverblijf vertelt:Een kind uit mijn groep ziet er onverzorgd uit als het wordt gebracht door de ouders en ruikt niet altijd fris.Moet ik hier iets over zeggen tegen de ouders?Mag ik hier uberhaupt wel iets over zeggen tegen de ouders?Stel dat ik het ga zeggen, hoe moet ik dat dan doen en wanneer?Jeetje, wat is dit lastig!




Dit stond op de weblog van Anke. (http://avandeven.blogspot.com/)


Mijn mening hierover

Ik zou het eerst overleggen met mijn collega's. Of zij ook vinden dat het kind er onverzorgt uitziet en niet fris.

Ik zou ook met hen er over hebben of ik het moet melden bij de ouders enz. Dan kun je meerdere meningen horen. Misschien dat dat het makkelijker maakt om de keuze te maken of je het moet melden of niet.

Ik denk dat je het wel mag melden bij de ouders, want misschien zien zij het ook wel, maar weten ze niet wat ze er mee moeten doen en willen ze graag hulp maar durven ze het niet te zeggen. Je moet het alleen wel duidelijk maken dat het jouw'n mening is. Het kan ook zijn dat de ouders er anders over denken en er nu op gaan letten.


Ik zou het eerst overleggen en daarna melden bij de ouders. Wanneer je dit het beste kunt doen is als een ouder niet te gehaast is om weg te komen.
Als je dit in het begin van de dag doet dan kunnen ouders het verkeerd opvangen omdat ze haast hebben. Je kunt dit het beste aan het eind van de dag doen. (Wanneer het kind opgehaald wordt). Zo hebben jullie iets meer tijd en kunnen jullie er rustig overpraten. En kun je het duidelijker uitleggen aan de ouder wat je bedoelt.

7.12.07

Wel of niet in de kinderopvang werken?

Werken in de kinderopvang leek me erg leuk. Ik wou dit ook graag doen. Toen ik vorig jaar in de 2e een half jaar stage liep was ik er ook zeker van dat dit het zou zijn. Dat ik zeker in de kinderopvang ging werken, ondanks mijn knie. Het was leuk om kinderen wat te leren en te vermaken.
Nu mijn opleiding ten einde loopt en stage er bijna op zit weet ik het niet meer zo zeker. Is de kinderopvang wel wat voor mij? Wil ik dit straks naar mijn opleiding wel doen of wil ik toch liever wat anders?
We zullen zien! Zodra ik het weet horen jullie van mij of het toch kinderopvang blijft of dat het toch wat anders wordt.

Kijkje in Slowakije

Hoe staat de kinderopvang er in andere Europese landen voor? Moeten we in Nederland nog veel leren, of doen we het helemaal nog niet zo slecht?

Tussen de flats staat een onopvallend gebouw dat me aan een school doet denken. De grote buitenruimte met veel bomen, een bloemperkje, zandbak, klimtoestellen en wippen ziet er verlaten uit. Ik wordt rond geleid door de lange gangen van het kinderdagverblijft.
Het schooltje (Letterlijke vertaling van het woord "Skolka" dat ze gebruiken om een kinderdagverblijf aan te duiden) is 1 van de 8 overgebleven schooltjes in de stad. Er waren er meer dan 20, maar door allerlei - voornamelijk economische redenen - zijn er maar 8 overgebleven. Hier gebeurt precies het omgekeerde van wat in Nederland plaatsvindt. De afgelopen jaren sloten veel kinderdagverblijven hun deuren.

Geen baby's
Het kinderdagverblijf heeft 6 groepen en biedt opvang aan kinderen van 2 tot 6 jaar. Wat direct opvalt is het ontbreken van een babygroep. Dat heeftt alles te maken met de fantastische voorzieningen voor Slowaakse moeders.(Zie zwangerschapsverlof) Als ik vertel dat er in Nederland al baby'tjes vanaf 8 weken naar de opvang kunnen, klinkt dat in de oren van de juffen ongeloofwaardig, onverantwoord en hard. In tegenstelling tot veel Nederlandse opvangcentra worden hier kinderen in horizontale groepen opgevangen: 2 tot 3 jarigen, 3 tot 4 jarigen, 4 tot 5 jarigen en 5 ot 6 jarigen bij elkaar. Het schooljaar begint altijd op 1 september en alle kinderen die voor 1 september 6 jaar zijn geworden, gaan naar de basisschool.

De groepen op het kinderdagverblijf zijn vrij groot. In de groep van 2 tot 3 jarigen zitten ongeveer 16 kinderen, in de groep van 5 tot 6 jarigen al rond de 25 kinderen. Alle kinderen komen 5 dagen per week naar het kinderdagverblijf. Dit is te begrijpen als je weet dat er tot nu toe geen mogelijkheden zijn om parttime te werken in Slowakije. Alle leidsters werken dus ook fulltime, maar zijn maximaal 6 uur per dag met kinderen bezig. De resterende tijd besteden ze aan het schrijven van hun dag en week programma en aan het voorbereiden van activiteiten.

Behalve de locatiemanager en de juffen werken er in het kinderdagverblijf een concierge, 2 kokkinnen en 4 schoonmaaksters. Pedagogisch medewerkers worden in Slowakije op mbo - niveau opgeleid. Opvallens is dat ze verplicht 1 muziekinstrument moeten kunnen bespelen voordat ze het diploma halen. Wie ervoor heeft gekozen om met kinderen te werken, werkt in Slowakije echt alleen met kinderen en hoeft zich niet bezig te houden met allerlei huishoudelijke taken of schoonmaakwerkzaamheden. Daar kan Nederland een vooorbeeld aan nemen. Hier in Slowakije is de meerwaarde van de kinderopvang en de bijbehorende pedagogische verdieping duidelijk voelbaar.

Dagindeling
Het kinderdagverblijf is open tussen half 7 en half 5.
Het eerste half uurtje worden de kinderen van 2 groepen samen opgevangen. Vanaf 7 uur is iedereen in zijn eigen groep. Tot ongeveer kwart over 8 is het vrijspelen, maar er is altijd tenminste 1 activiteit voorbereid waaraan de kinderen kunnen deelnemen. Ze mogen zelf beslissen of ze dit wel of niet doen.
Om half 9 gaan de kinderen gymmen. Dat doen ze braaf elke dag, afhankelijk van hun leeftijd een kwartier (de jongste kinderen) tot maximaal een half uur (de oudste kinderen). Nadat de kinderen naar de wc zijn geweest en hun handen hebben gewassen krijgen ze rond 9 uur een broodje met verse, door eigen kokkinnen klaargemaakte pate. Ze drinken melk, chocomel of thee. Behalve brood wordt er ook havermout, griesmeel of pudding geserveerd.
Tussen half 10 en 10 uur is er elke dag een activiteit. Elk jaar wordt er door locatiemanager een jaarprogramma geschreven. Aan de hand van het jaarprogramma schrijven de juffen een week en dagprogramma, dat door de locatiemanager goedgekeurd moet worden.
Het weekprogramma moet een evenwichtige afwisseling van de volgende aspecten bevatten:
> Cognitieve ontwikkeling.
> Esthetische ontwikkeling.
> Sociale ontwikkeling.
> Handvaardigheid.
> Bewegen.

Na de dagactiviteit gaan de kinderen naar buiten. Bij slecht weer spelen ze vrij binnen. Om half 12 krijgen de kinderen een warme maaltijd, bestaande uit:
> Soep (dit is een traditie in Slowakije).
> Hoofdgerecht
> Toetje of een stuk fruit.
De maaltijden moeten gezond en afwisselend zijn, wat regelmatig wordt geevalueerd. Na de warme lunch slapen de kinderen tot half 3. Om 3 uur is er weer tijd voor een broodje met thee en een stukje fruit. Om half 5 worden de laatste kinderen opgehaald en gaan de deuren dicht.

Rondleiding in het kinderdagverblijf
Alle groepen zijn ruim en in elke groep is een aparte slaapkamer waar de lage bedjes in rijen staan. In de groep van 2 tot 3 jarigen staan bedjes met hekjes. Bij elke groep hoort een eigen badkamer met kleine wc'tjes en wastafeltjes op kinderhoogte. Elk kind heeft een eigen kastje voor zijn jas, met een klein stickertje erop. In de ruimte onder de trap staan keurig naast elkaar de fietsjes en kleine wagentjes. De keuken met de professioneel ogende apparatuur is er indrukwekkend.

Het is lunchtijd. Vlot ruimen de kleintjes alle schepjes en emmertjes op en gaan helemaal zelfstandig naar de wc om hun handen te wassen. Ze gaan aan de kleine tafeltjes zitten, in groepjes van 4 of 5. De kokkin zet de pot met linzensoep op een soort bar. Voor de spaghetti met gerapte kaas moeten de kinderen even in een rij staan. Hun bordje brengen ze daarna zelfstandig naar hun tafeltje. Er heerst een rustige en gezellige sfeer tijdens het eten.
Na het eten trekken de kinderen hun kleren uit, vouwen die netjes op en leggen ze op hun stoeltjes. Alles speelt zich vliegensvlug af. Er zijn geen kinderen die een schone luier nodig hebben, alle kinderen zijn zindelijk. Ieder kind zoekt zijn eigen bedje op. De juf leest daarna een boek voor.

Zwangerschapsverlof
Een moeder kan in Slowakije 3 jaar thuisblijven met het behoud van haar baan binnen de organisatie waar ze werkt. (Ze kan dus op een andere afdeling of locatie geplaats worden). Het zwangerschapsverlof duurt 28 weken en in die periode krijgt ze maandelijks 55 procent van haar salaris. De resterende 2 en half jaar kan ze ouderschapsverblof opnemen. In die periode krijgt ze een ouderschapsbijdrage. En voor de moeder die nog langer fulltime voor haar kind wil zorgen, betaalt de staat de ziektekostenverzekering totdat het kind 5 jaar oud is.

Bron: Monika Katinger
Tijdschrift Kinderopvang (Nr. 12, December 2007)

Snoezelen in het klein

Een grote box met een bubbelunit, spiegelwanden en een watermatras. Kinderen en leidsters kunnen er heerlijk tot rust komen. Vooral voor gestresste baby's, huilbaby's en baby's met darmkrampjes, lijkt de snoezelbox de ideale oplossing.

Deze vorm van genieten komt oorspronkelijk uit de ouderen-en gehandicaptenzorg, waar zorgmedewerkers hun patienten al meer dan een kwart eeuw laten snuffelen en doezelen om weer levensvreugde op te wekken. Wat goed werkt voor oude mensen en verstandelijk gehandicapten, is misschien ook wel iets voor kleine kinderen, ontdekten pedagogen enkele jaren later. Een goede snoezelruimte prikkelt de zintuigen, en laat kinderen en pedagogische medewerkers tegelijkertijd lekker ontspannen. Het is de ideale plek om te kunnen liggen, kruipen, rollen of staan. Met wat schemerverlichting in combinatie met ontspannende muziek is het de ideale manier om de snoezelaar in hoger sferen te brengen.

Snoezelen met huilbaby's
Jose en Peter Scheuten vertaalden snoezelen voor ouderen en gehandicapten naar snoezelen voor baby's op kinderdagverblijven. In de vorm van snoezelbox. Jose, zelf jaren gewerkt in de gehandicaptenzorg, vertelt hoe ze aan het idee voor de snoezelbox is onstaan.
Als zij op maandag naar haar werk ging, viel het haar steeds vaker op hoe onrustig de kinderen waren. Ze leken moeite te hebben met de overgang van het weekend naar de week. Pedagogisch medewerkers klaagden over huilerige, vermoeide en gestresste kinderen die te veel op sleeptouw waren genomen en te laat naar bed waren gegaan. Jose had te doen met de kinderen en met de leidsters en zocht naarstig naar een oplossing voor dit probleem.

Een gesprek met een ontwikkelaar van spelmaterialen leverde de snoezelbox op. Deze snoezelbox is anderhalf bij tweeenhalve meter en bestaat uit 4 houten wanden, bekleed met zachte materialen en een sterrenhemel, bestaande uit kleine lichtjes.
Wat kinderen en baby's ervaren als ze in de snoezelbox liggen, is volgens Jose vergelijkbaar met 'het baarmoedergevoel'. Dat wil zeggen wat baby's voelen als ze nog bij hun moeders in de buik zitten. Als leidsters de baby's op het matras leggen, zakken ze weg in een warme golvende ondergrond. Zodra de kleine lampjes gaan branden en de muziek aangaan, zie je hoe de heel gestresste baby's, bijv. huilbaby's of baby's met darmkrampjes, zich vanuit hun stijve houding helemaal ontspannen.

Ontspanning voor leidsters en ouders
Het bedrijf waarme Jose en Peter de snoezelbox hebben ontwikkeld, doet ook veel op het gebied van pijnbestrijding. Via trillingen in de muziek zijn ze in staat om pijn weg te nemen. Ook hiervan kun je een vertaling maken voor kinderen in de kinderopvang. Je kunt werken met verschillende soorten snoezelmuziek, bewegende olievlekken in een koker met vloeistof of bubbels in het watermatras. Als deze dingen behoren tot de mogelijkheden.

De snoezelbox is als eerste instantie bedoeld als activiteit voor kinderen samen met leidsters. Maar een leidster kan een baby gerust alleen even neerleggen in de snoezelbox zonder er zelf bij te gaan liggen, want de ruimte is absoluut veilig. Dat neemt niet weg dat kinderen des te meer genieten van het snoezelen als ze zien dat volwassenen hetzelfde doen en dit als prettig ervaren.
Dat is echt belangrijk om te weten, dat je het echt samen doet. Want niets is fijner dan aandacht voor elkaar!

Bron: Madeleine Gibse
Tijdschrift Kinderopvang (nr. 12 December 2007)

3.12.07

Zwarte pieten op stage

Vandaag hebben we sinterklaas geviert op stage.

Ik was er tegen 12 uur, want deze dag hoefde ik nie vroeg te beginnen. Normaal loop ik 's maandags geen stage, want dat is onze terug kom dag.
Ik kwam in de groep toen ze daar allemaal lekkere dingen aan het eten waren. Ze aten kaasbroodjes, frikandelbroodjes, poffertjes. Ook dronken ze chocolademelk en yogo.
Het zag er erg lekker uit.
Naar het brood eten hebbben we alles opgeruimd en ben ik met leonie (een andere stagiaire) even naar de stad geweest. Ze moest namelijk nog een maillot hebben.
Wij op weg naar de winkel, maar we wisten de weg niet. Het was echt even zoeken.
Uiteindelijk er gekomen. Er was er gelukkig nog 1.
Toen we weer op stage kwamen hebben we even gezeten in de hal, want daar mochten de kinderen spelen. Tegen kwart over 2 gingen we ons klaar maken voor zwarte piet.
Even sminken en tegen 3 uur waren we klaar. Het was wel erg grappig hoe we eruit zagen.
Toen we bij alle groepen waren geweest en de cadeautjes hadden uitgedeeld gingen we terug naar het kantoor en gingen ons omkleden. We hadden geen water en dus konden we niet onze gezicht wassen.
Snel in de auto en dan naar huis om daar me verder de douche.

Hier onder een paar foto's.


29.11.07

Sinterklaas liedje

Zoef gaat de ligt in de hoge flat.
Daar heb ik mijn schoentje neer gezet
Lieve sinterklaas en lieve zwarte piet
Geef mij een bromtol alstublieft!!!

(Voor een bromtol kun je bijv ook lego neerzetten. )
Voorbeeld:
Zoef gaat de lift in de hoge flat.
Daar heb ik mijn schoentje neer gezet.
Lieve sinterklaas en lieve zwarte piet.
Geef mij lego alstublieft!!

Roken waar je baby bij is


Als ouder wil je het beste voor je kind. Je zorgt voor een veilige omgeving en je probeert ervoor te zorgen dat je baby zich gezond ontwikkelt door warmte, zorg en goede voeding te geven. In deze zorg past ook de aandacht voor schone lucht. Tabaksrook is namelijk een vorm van luchtvervuiling, waar kinderen veel last van hebben. Minder roken of genoeg ventileren is niet genoeg.
IrritatieverschijnselenDe meeste mensen weten uit ervaring dat tabaksrook je ogen, neus en keel kan irriteren en hoofdpijn kan veroorzaken. Ook je baby kan veel last hebben van tabaksrook. Dat kan hij echter niet aan je duidelijk maken. Toch blijkt dat de rook de oogjes en de slijmvliezen van de mond, neus, keel en longen van je baby irriteert.
Op deze irritatie reageert je kind door vaak met zijn oogjes te knipperen en te tranen. Vaak krijgt hij ook een loopneusje en heeft hij meer slijmafscheiding in zijn luchtwegen. Als een baby deze verschijnselen heeft, denken de meeste mensen dat dit wordt veroorzaakt door een verkoudheid. Vaak wordt er niet bij stilgestaan dat deze irritaties het resultaat zijn van het inademen van tabaksrook.
Wat zijn nu precies de schadelijke gevolgen van tabaksrook? Wat kun je doen om te voorkomen dat je baby rook binnenkrijgt? Hoe deel je de afspraken die je daarover maakt mee aan rokende familieleden en vrienden?

Gevolgen van roken voor je baby
Baby’s en jonge kinderen, die in een rokerige omgeving opgroeien, beginnen in feite al op jonge leeftijd met roken. Dit kan hun gezondheid nadelig beïnvloeden, zowel op de korte als op de lange termijn. Tabaksrook inademen is namelijk erg schadelijk. Dat geldt voor jonge kinderen veel sterker dan voor volwassenen, omdat hun luchtwegen fijner gebouwd zijn en daardoor eerder beschadigd raken.

Wat gebeurt er nu precies als je baby toch tabaksrook binnenkrijgt? Hieronder staan de schadelijke gevolgen van de rooklucht:
> Grotere kans op infecties van de luchtwegen
Het inademen van tabaksrook heeft een slechte invloed op de groei en de werking van de longen van je kind. Het verkleint de opname van zuurstof en het maakt je baby vatbaarder voor ontstekingen van de luchtwegen. Hierdoor is de kans dat je kind bronchitis krijgt groter dan normaal. Kinderen die veel in de rook zitten, hebben bovendien vaker last van kortademigheid en het ophoesten van slijm.

Je kind kan dus last krijgen van hoestbuien, hij kan het benauwd krijgen en vol gaan zitten als gevolg van rook. De Gezondheidsraad heeft in een rapport van 1990 dan ook aangegeven dat kinderen met rokende ouders een duidelijk grotere kans hebben op klachten aan hun luchtwegen, dan kinderen van niet-rokende ouders.

> Grotere kans op oorontsteking
De kans op middenoorontsteking neemt toe als je kind geregeld in een rokerige omgeving verblijft. Uit onderzoek is gebleken dat 15% van de gevallen van middenoorontsteking bij kinderen van één tot zeven jaar wordt veroorzaakt doordat hun ouders roken.
Daarnaast lopen kinderen van rokende ouders meer de kans op vocht achter het trommelvlies, waar ze voortdurend last van houden. Als je kind aan deze aandoening lijdt, moeten er buisjes in zijn oren worden geplaatst. Het is gebleken dat eenderde van deze chronische middenoorontstekingen kunnen worden voorkomen als er niet meer in het bijzijn van kinderen wordt gerookt.

> Grotere kans op astma
Wanneer je kind aanleg voor astma heeft, is de kans dat hij ook werkelijk astma krijgt groter wanneer er gerookt wordt in zijn bijzijn. Bij astma zijnj de luchtwegen extra gevoelig; ze reageren allergisch op allerlei stoffen. Daardoor worden de luchtwegen nauwer en krijg je het benauwd; je moet aanhoudend hoesten en geeft slijm op. Als je kind astma heeft, kan tabaksrook zo’n aanval van benauwdheid veroorzaken.
Een groep gespecialiseerde artsen uit Londen heeft vastgesteld dat de aanvallen ernstiger zijn en vaker optreden wanneer een kind meer rook inademt. Ook is gebleken dat de longfunctie van astmatische kinderen met een rokende moeder 13 tot 23% slechter is dan van astmatische kinderen met een niet-rokende moeder. Astmatische kinderen die vaak in een rokerige omgeving zijn, hebben bovendien vaak meer medicijnen nodig.

> Vaker naar het ziekenhuis
Kinderen van rokende ouders gaan in de eerste twee jaren van hun leven vaker naar een dokter of ziekenhuis dan kinderen van niet-rokende ouders. Dat komt, omdat deze kinderen vaker last hebben van aandoeningen aan hun luchtwegen. De kans op opname in een ziekenhuis voor een luchtweginfectie, bijvoorbeeld longontsteking, is dan ook twee keer zo groot wanneer gerookt wordt in de omgeving van je kind.

> Grotere kans op wiegendood
Wiegendood is de plotselinge, onverwachte dood van een baby die gewoon gezond lijkt te zijn. Naar de oorzaken van deze plotselinge sterfgevallen is al veel onderzoek gedaan. Roken in de omgeving van je baby is één van de mogelijke factoren die bijdraagt aan wiegendood. Andere oorzaken zijn het op de buik of de zij slapen van je baby, het gebruik van een kussentje en een dekbed.

Het aantal gevallen van wiegendood is gedaald, omdat de meeste ouders er inmiddels voor zorgen dat hun kind op zijn rug slaapt en onder een deken of in een babyslaapzak ligt. Wanneer er nu ook voor wordt gezorgd dat kinderen niet worden blootgesteld aan tabaksrook (tijdens en na de zwangerschap) kunnen nog meer gevallen van wiegendood worden voorkomen.

> Blijvende gevolgen op latere leeftijd
Meerokende kinderen kunnen hun gehele verdere leven last houden van slechter werkende longen. Luchtwegenklachten tijdens de jeugd vergroten de kans op longziekten, zoals chronische bronchitis, longemfyseem en longkanker, op latere leeftijd. De Gezondheidsraad vindt dit een extra reden om blootstelling aan tabaksrook zo veel mogelijk te beperken.

Bron: http://www.babyinfo.nl/advies/verzorging/babyverzorging/art_rokenenbaby.asp

Roken bij Baby's

Ik vind dat ouders niet moeten roken in het bij zijn van hun baby. Ook niet als ze ouder zijn.
Ze het is slecht voor de gezondheid van het kind, omdat het vele irritaties kunnen ontstaan. Ze kunnen irritatie in hun keel, mond, oogjes, neusje. Hier kan een kind veel last van krijgen.
Het kind kan dit niet uiten en dus wordt het niet beter als een ouder niet stopt met roken in het bijzijn van de baby.
Een baby heeft liefde, aandacht, warmte maar ook schone lucht nodig om gezond te blijven en om goed op te groeien.

Ik vind dat moeders moeten stoppen met roken zodra ze zwanger zijn. Zo krijgt het kind geen nicotine binnen en dus raakt het niet gewend aan nicotine.
Vaders moeten ook niet gaan roken in het bijzijn van hun vrouw/vriendin want dat ademt de vrouw nog de tabaklucht in wat slecht voor de baby is. Het kind kan dan nog irritaties krijgen in de keel, ogen en neus.

Zowel vader als moeder moeten niet gaan roken in het bijzijn van het kind (Doe dit dan op plaats waar geen kinderen zijn bijv. Buiten.)

26.11.07

Huislijk geweld

Kinderen zullen centraal staan in de aanpak tegen huiselijk geweld de komende jaren.
Dat kondigde gisteren justitieminister Hirch Ballin aan op het congres Aanpak Huiselijk Geweld in Nieuwegein. Daarbij gaat het om jaarlijks 200.000 kinderen die getuige zijn an geweld in het ouderlijk huis. " Zij zijn een bijna vergeten groep" zei Hirch Ballin.
De minister, die de cijfers onacceptabel noemde, vertelde gisteren over de kabinetsplannen de komende vier jaar. Zoals een vroege signalering bij de genoemde kinderen. " Anders lopen zij een zeer grote kans daders (jongens) en slachtoffers (meisjes) te worden. En is het dweilen met de kraan open."

Want of een kind zelf geslagen wordt, of toeschouwer is, de effecten blijken hetzelfde. "Onderzoeken wijzen uit dat zij precies dezelfde problemen krijgen: agressie, ralatieproblemen, schooluitval", vertelt Lisette van Gurp, beleidsmedewerker van kennisinstituut Movisie.
Onder huiselijk geweld wordt verstaan lichamelijke, psycische en seksuele mishandeling, belaagd worden en bedreiging.

Ondanks alle maatregelen groeit dit fenomeen in ons land. Nie op straat dus, maar achter de eigen voordeur. Het aantal geweldincidenten nam van ruim 56.000 incidenten in 2004, toe tot ruim 63.000 vorig jaar, tonen cijfers van de politie Daarbij zijn vrouwen nog altijd het vaakst slachtoffer.

Uit een steekproef blijft dat 45% van de mannen en vrouwen tussen de 18 en 70 jaar ooit zelf slachtoffer is geweest van huiselijk geweld, als kind, partner of ouder.
Bij allochtonen komt huiselijk geweld onevenredig voor, alsdus de minister die geen harde cijfers gaf. "Er moet voor eergerelateerde misdrijven meer aandacht komen".
Ook al staan hulpverleners vaak voor gesloten deuren bij allochtone gezinnen. Hirch Ballin wil dat daar " een stevige voet tussen de deur komt".

Cruciaal is samenwerking tussen alle instanties. Daar waren alle artsen, hulpverleners, politiemensen en bestuurders het gisteren over eens.

De treurige voorbeelden waar dat volgens onderzoeken misging, zijn bekend: het Maasmeisje, en Savannag, twee meisjes die huiselijk geweld met de dood moesten bekopen.

Niet meer, oordeelden de bureaus Jeugdzorg en de Raad voor Kinderbescherming die de handen ineensloegen. De instellingen hebben met elkaar afgesproken dat kinderen die bescherming nodig hebben die binnen twee maanden krijgen. tot nu kon het een jaar duren voor een kinderrechter ingrijpt.

Nieuw punt was ook de aandacht voor de rol van het bedrijfsleven in de aanpak tegen huiselijk geweld. "Je kunt dan denken aan signalering bij werknemers die daar thuis mee te maken krijgen, en bijvoorbeeld een hoog ziekteverzuim hebben" , denkt van Gurp.
Daarbij gaat het volgens haar zowel over daders als slachtoffers.
" Daders zullen bijvoorbeeld niet de gelukkigste werknemers zijn als zij thuis de boel kort en klein slaan,op enkele psychopaat nba. Dat kan geld kosten. Daar kun je proberebn bedrijven te bereiken.

Bron: Annette Karimi
Krant Spits 27 November 2007 (http://www.spitsnet.nl/)

Kindermishandeling

Wanneer meld je het?
Als een kind mishandeld wordt moet je dit melden, maar hoe merk je dat een kind mishandeld wordt? Hoe weet je of een kind mishandeld wordt?
Meld je dit direct aan het AMK (Advies -en Meldpunt Kindermishandeling) of bespreek je dit eerst met je collega's, de ouders enz. ?

Antwoord:
Leidsters op kindercentra’s hebben intensief contact met de kinderen in hun groep. Ze spreken ook regelmatig de ouders. De kindercentra’s zijn de belangrijkste plaats waar signaleert kan worden dat een kind zich niet goed ontwikkelt, of dat ouders ondersteuning nodig hebben bij het opvoeden van de kind. Kindercentra’s gebruiken ook een meldcode. De meldcode legt vast wat de rol en de verantwoordelijkheden zijn van beroepskrachten wanneer er een vermoeden van kindermishandeling is. Zo’n meldcode ziet er als volgt uit:

Fase 1: **De leidster heeft een vermoeden**
De leidster observeert en vraagt ook aan andere collega’s als ze het kind willen observeren.De observatie wordt vastgelegd in een observatieschema. De haal en brengcontacten kunnen extra aandacht krijgen. Naar aanleiding van de info die ze heeft verzameld besluit de leidster met de leidinggevende te gaan praten.

Fase 2: **De leidster bespreekt het onderbouwde vermoeden in een overleggroep**
Er wordt een overleggroep samengesteld uit leidster van de groep waar het kind in zit of van collega’s die een broertje of zusje van het kind in de groep heeft. In een overleggroep worden de zorgen van het kind besproken. Er wordt een plan gemaakt om extra info te krijgen over het kind en de thuissituatie.

Fase 3: ** Het uitvoeren van een plan van aanpak**
Er wordt contact opgenomen met het AMK. Je kunt de volgende vragen stellen bij het AMK:
> Zijn de signalen die we hebben reden om aan kindermishandeling te denken
> Waar kunnen we nog meer opletten?
> Hoe kunnen we nu het beste met het kind en zijn ouders omgaan?
> Hoe kunnen we onze zorgen het beste met de ouder bespreken?Er kan een gesprek aan gegaan worden met de ouders van het kind. Ze bespreekt concreet wat ze ziet aan het kind en vraagt de ouders als zij dit herkennen. Het woord kindermishandeling wordt niet genoemd. Na ong. een maand worden alle gegevens van het kind besproken in een overleggroep.

Fase 4: **Beslissing**
Na de uitvoering van het plan. Wordt er een beslissing genomen met de overleggroep. Er zijn 3 mogelijke beslissingen.
> Het vermoeden van kindermishandeling kan niet onderbouwd worden.
> Op basis van de gegevens blijft er ernstige twijfels bestaan of er sprake is van kindermishandeling.
> Op basis van de gegevens blijft het vermoeden van kindermishandeling bestaan.

Fase 5: **Handelen**
Als de vermoedens niet onderbouwd kan worden dan wordt alle gegevens verzameld en vernietigd. De zaak is dan afgesloten. Na het gesprek met de ouders ben je er achter gekomen dat zij zich ook zorgen maken. Ze worden dan doorverwezen naar een instantie die hen verder kan helpen.Als er sprake is van ernstige twijfel blijft bestaan of er sprake is van kindermishandeling wordt er een extra observatieperiode afgesproken. Als de vermoedens blijven bestaan wordt er een melding gemaakt bij het AMK.

Fase 6: **Evaluatie**
Bij de evaluatie komt aan de orde:
> Hebben we nog iets over het hoofd gezien?
> Hebben we de juiste mensen er bij betrokken?
> Hebben we voldoende tijd uitgetrokken voor de gesprekken met de ouders?
> Hebben we op tijd het AMK erbij betrokken?Er wordt zo nodig verbeteringen in de procedure afgesproken.

Fase 7: **Nazorg**
De leidsters blijven alert op het welzijn van het kind. Als er extra signalen en zorgen zijn dan wordt er opnieuw contact opgenomen met het AMK.Preventie van kindermishandelingPreventiecampagnes worden regelmatig landelijk geven. Dit is om te voorkomen dat er meer kinderen worden mishandeld en dat er meer meldingen gedaan worden over kindermishandeling.Er kan meer gedaan worden tegen kindermishandeling dan alleen een preventiecampagne. Een groepsleidster kan een kind weerbaar maken. Complimentjes geven en positieve dingen die het kind in zich heeft waarderen. De kinderen krijgen zo zelfrespect. Dit heeft veel effect op het kind, want bij seksueel misbruik is het bekent dat de eerste mondige reactie van het kind beslissend is voor de dader om niet door te gaan. Tijdens een spel leer je het kind de regels voor (seksueel) gedrag. Bijvoorbeeld: De kinderen moeten nooit iets doen onder dwang. Dit kan helpen om mishandeling te voorkomen, want de kinderen hebben immers recht op een veilige omgeving om op te groeien. Het advies- en meldpunt kindermishandeling Het AMK bestaat ervoor om te zorgen dat mishandelde kinderen en hun ouders hulp krijgen. Je kunt bij het AMK alle soorten mishandeling melden, maar je kunt er ook om advies vragen. Bij advies moet een instelling zelf actie ondernemen , maar bij een melding neemt het AMK de zaak over en gaat er een brief naar de ouders. Ze vragen altijd wel als het intern is besproken. MeldingAls je een melding van kindermishandeling maakt bij het AMK moet je zo concreet mogelijk zeggen wat je adres, telefoon nummer is. Om welk kind het gaat, wat je verdenkingen zijn.Het AMK stuurt dan een brief naar de ouders van het kind. Hierin staat dat het kinderdagverblijf, peuterspeelzaal of enz. zich zorgen maken over het kind en dat het AMK daarom met hen komt praten. Het resultaat wordt terug gerapporteerd aan de melder.Als het om een ernstige verdenking gaat kan het AMK eerst contact opnemen met de huisarts of consultatiebureau of als een familielid, buurvrouw of een anonieme melding betreft, kan het meldpunt eerst contact opnemen bij het kinderdagverblijf/ peuterspeelzaal voor extra achtergrondinformatie. Als het vooronderzoek tot niets uitsluit dan krijgt een ouders wel een brief, maar geen onderzoek. De melding wordt dan vernietigd. Als er twijfels zijn bij het AMK , maar niet genoeg gronden zijn om iets te ondernemen dan blijft het dossier bewaard.

Voorbeeld van een onderzoek:
Een leidster dacht dat een peuter werd misbruikt. Ze maakte zich zorgen, doordat het kind voortdurend seksueel getinte opmerkingen, had geïrriteerde geslachtsdelen en beschreef in details zaken waar een kind van die leeftijd normaal gesproken niets van weet. Er werd een neutraal gesprek gevoerd met de ouders zonder dat de ouders worden beschuldigd. De ouders reageerden heel verontwaardigd en stopte alle signalen weg. Het kind zou een infectie hebben.Niet veel later werd het meisje thuis gehouden. Het AMK werd ingeschakeld, dat na onderzoek werk van de zaak maakte. Gevolgen van kindermishandeling*Tijdens de jeugd* Iedere week overlijdt er wel een kind aan de gevolgen van kindermishandeling. Kindermishandeling is een ernstig probleem. Het leven van een kind dat mishandeld wordt is geen pretje. Het is voor het kind een gevecht om te overleven, het geweld te ontlopen en er het beste van te maken. De kinderen hebben recht op bescherming en hulp van iedereen die met het kind te maken heeft. De schade kan beperkt blijven als er zo vroeg mogelijk hulp geboden wordt, maar dit is niet altijd mogelijk.